CC STROMBEEK | Sander Bortier

2018 Being Imposed Upon

Een goed jaar nadat het Nederlandse kunstenaarsduo Vesna Faassen (1986) en Lukas Verdijk (1984) met de publicatie Wanneer we spreken over kolonisatie / Quand on parle de la colonisation bijdroegen tot het debat over dekolonisatie en postkoloniale geschiedenis, presenteren ze Being Imposed Upon in CC Strombeek.

Met Being Imposed Upon vervolgen Faassen en Verdijk hun onderzoek naar dekolonisatie en werken ze aan een nieuw boekproject. Hun eerste publicatie, Wanneer we spreken over kolonisatie (2017), telt artikels van vijf Congolese historici over de koloniale geschiedenis die vertaald werden naar het Nederlands. Een primeur: tot 2017 werd de beschrijving en representatie van de relatie tussen België en de Democratische Republiek Congo voornamelijk geschreven door – op enkele uitzonderingen na – witte en mannelijke Belgische academici en onderzoekers. Geschiedschrijving door historici geboren en geschoold in DR Congo bestond wel, maar werd nooit eerder naar het Nederlands vertaald.

Wanneer we spreken over kolonisatie bracht daar verandering in. Vesna Faassen en Lukas Verdijk lieten vijf Congolese academici aan het woord, zonder zich te mengen in de inhoud – een belangrijk startpunt. De academici kozen zelf artikels die ze belangrijk achtten in een Nederlandstalig discours. De originele teksten in het Frans werden eveneens opgenomen, wat zorgde voor een publicatie van 300 pagina’s. De titel is het begin van een zin afkomstig uit het essay van Sindani Kiangu, een van de professoren die bijdroegen aan het project, en verwijst naar de vraag wie we eigenlijk zijn. Een essentiële vraag: wie is er aan het woord als we spreken over de kolonisatie?

Het doel van de publicatie was het doorbreken van de eenzijdige historiografie. Er wordt nog steeds “schandalig weinig aandacht besteed aan de kolonisatie in het onderwijs,” aldus de kunstenaars. In de inleiding van Wanneer we spreken over kolonisatie stellen ze zich echter de vraag of het problematisch is dat zij als witte Nederlanders een dergelijk boek initiëren. “Want we willen juist deze witte dominantie doorbreken. Een complexe vraag, die veel twijfel opleverde. Doorslaggevend voor ons was het feit dat het boek er gewoon moest komen.” Ze benadrukken dat het van belang is om zo weinig mogelijk ruimte in te nemen als initiator van het project. “We stelden ons dus heel terughoudend op.”

Faassen en Verdijk kregen de gelegenheid het boek in verschillende cultuurhuizen, bibliotheken en scholen te presenteren. In samenwerking met de Brusselse kunstenares Laura Nsengiyumva ontwikkelde het duo het idee van een ‘boekenclub’ waarin Afro-Belgische, dekoloniale denkers worden uitgenodigd op het boek te reageren. De boekenclub bestond uit wisselende gezelschappen en kwam onder meer samen in Framer Framed (Amsterdam), naar aanleiding van de tentoonstelling Blueprint for Toads and Snakes van Sammy Baloji. De fotograaf uit Lubumbashi stelt nu ook tegelijkertijd met Faassen en Verdijk tentoon in CC Strombeek.

Eén van de leden van die boekenclub was Heleen Debeuckelaere, activist, schrijver en co-founder van Black Speaks Back. In het huidige project, Being Imposed Upon, maakt zij samen met Anne Wetsi Mpoma, Modi Ntambwe, Sabrine Ingabire en Tracy Bibo-Tansia deel uit van de commissie die door Faassen en Verdijk werd samengesteld. De commissie werd gevraagd om samen na te denken over intersectioneel feminisme en dekolonisatie, en zal uiteindelijk beslissen over de inhoud van een publicatie rond deze thematiek. Dekolonisatie, want het gaat hier over het proces in de geest. “What does that word mean to you?” nodigt Sabrine Ingabire uit in de introductie van de commissiebijeenkomst.

Het begrip ‘intersectioneel feminisme’, een andere grondslag van het project, werd geïntroduceerd in 1989 door Kimberlé Crenshaw, burgerrechtenadvocaat en vooraanstaand geleerde binnen de Critical Race Theory. “Intersectioneel denken gebeurt vanuit de interactie tussen bijvoorbeeld geslacht, gender, seksualiteit, etniciteit, ‘ras’, klasse, religie, etc. Het is inclusief en dynamisch en daarmee bij voorbaat een meer nauwkeurige manier om aan specifieke ongelijkheden te refereren,” leggen Faassen en Verdijk uit. Crenshaw merkte destijds op dat zwarte vrouwen in het vacuüm tussen de antiracismebeweging en feminisme vielen. Antiracisme was vooral op zwarte mannen gericht; feminisme op witte vrouwen. “Tijdens de koloniale periode was het verankeren van patriarchale ideeën in de gemeenschappen van oorspronkelijke bewoners een cruciaal doel van de Belgische kolonisator. En met succes. Dekolonisatie kun je dus niet los zien van feminisme. Binnen dit project is intersectioneel feminisme een belangrijk uitgangspunt om de unieke onderdrukking die zwarte vrouwen tot op de dag van vandaag ervaren, te ontmantelen.”

“Waarom is het moeilijk om naar een ander te luisteren? Waarom is het moeilijk om niet in een ‘schuld’ versus ‘onschuld’ logica te vervallen als we luisteren?” Voor deze vragen citeert het kunstenaarsduo Krista Ratcliffe, professor gespecialiseerd in feminisme en de verstoorde crossculturele communicatie. “In haar boek Rhetorical Listening (2006) benoemt Ratcliffe specifiek het construct ‘witheid’, net als Emeritus Hoogleraar Gloria Wekker doet in haar recente boek; Witte Onschuld (2016). Deze titel verwijst naar de dominante manier waarop witte Nederlanders, maar net zo goed witte Belgen, over zichzelf denken. ‘Witheid’ wordt zelden gezien en beskritiseerd als ‘categorie’ – en enkel gezien als de ‘norm’,” aldus de kunstenaars. Pas na het lezen van het boek van Wekker realiseerden ze zich dat niets in hun educatie hen voorbereidde op het herkennen of articuleren van witheid, en dat ze geen strategieën kregen aangeleerd om dit construct te bevragen en belangrijker nog, te deconstrueren.

“Het overkoepelende uitgangspunt van ons project is om onze ‘gefixeerde’ identiteiten te deconstrueren. Ze zijn vervuld door ongelijke machtsverhouding en onwetendheid vanuit ons koloniaal verleden. Het is onze bedoeling naar een toekomst te kijken die vraagt om nieuwe identificaties. We nemen in dit nieuwe projet specifiek ‘luisteren’ als basis ­– en dus niet de ‘dialoog’. Bij de eerste commissiebijeenkomst was dan ook nadrukkelijk geen publiek aanwezig. Het publiek wordt bewust achteraf in de installatie uitgenodigd om plaats te nemen en te luisteren op een manier die ook je eigen positie bevraagt.”

De videodocumentatie van het eerste commissiegesprek kreeg de titel Being Imposed Upon, naar een citaat van Heleen Debeuckelaere, en zal tot 13 december te zien zijn in CC Strombeek. Zo kadert het binnen het oeuvre van Faassen en Verdijk, die steeds performances, foto- of video-installaties maken over maatschappelijk relevante thema’s. “We hopen dat Being imposed upon voor de toeschouwer een introductie is tot, of een verdieping geeft op de urgentie van dekolonisatie en voornamelijk van hun eigen positie hiertoe.”

 

Sander Bortier
Cc Strombeek